Zwangere vrouwen

Top  Previous  Next

 

 

Zwangeren

 

De werkgever is verplicht om de gezondheid van moeder en kind tijdens de zwangerschap en tijdens de lactatie (periode van borstvoeding) zo goed mogelijk te beschermen. Dit betekent dat het werk dat de zwangere medewerker c.q. jonge moeder in deze periode uitvoert zo goed mogelijk georganiseerd dient te worden, zodat zij veilig en gezond kan werken en het werk geen negatieve invloed heeft op de zwangerschap of de borstvoeding. Uitgangspunt hierbij is dat de werknemer tijdens de zwangerschap en periode van borstvoeding zoveel mogelijk het eigen werk kan blijven doen, in de eigen functie en op de eigen werkplek. Maar wel op een zo'n comfortabele mogelijke wijze. Zo is het van belang dat een zwangere werkneemster zich kan terugtrekken in een afsluitbare ruimte om even te kunnen rusten.

De zwangere werkneemster heeft recht op zwangerschap- en bevallingsverlof. Dat verlof kan 4 tot 6 weken voor de vermoedelijke bevallingsdatum ingaan en duurt tot minimaal 10 weken na de bevalling. De duur van het zwangerschapsverlof is bij elkaar ongeveer 16 weken. Uiteraard staat het de jonge moeder vrij om daarbovenop nog ouderschapsverlof op te nemen. Maar dit aspect valt buiten de scoop van dit onderwerp.

 

Nadat de werkneemster heeft gemeld dat zij zwanger is, is het van belang dat de werkgever haar informeert over de mogelijke gevaren die het werk meebrengt voor haar en het ongeboren kind. Bij de voorlichting wordt (indien van toepassing) specifiek ingegaan op gevaarlijke stoffen die de voortplanting kunnen beïnvloeden. Maar ook andere gevaaraspecten komen natuurlijk aanbod. Bijvoorbeeld voorkomen dat de zwangere medewerkster blootgesteld worden aan oplosmiddelen en andere giftige stoffen die een risico's met zich meebrengen voor de zwangerschap en periode van borstvoeding. Deze informatie behoort de werkgever onder anderen uit de RI&E Grafimedia te halen, maar ook uit de Veiligheidsinformatiebladen van de individuele stoffen. De zwangere werkneemster ontvangt een kopie van dit onderdeel van deze voorlichting, zodat zij dit zelf kan nalezen. Het is ook mogelijk om als zwangere via de arbocatalogus grafimedia specifiek te zoeken op gevaren voor zwangere vrouwen.

Om risico's voor een zwangere medewerkster en haar ongeboren kind te beperken, geldt een aantal regels:

 

•        Zwangere werkneemsters mogen niet te veel tillen of dragen. In ieder gevalniet meer dan 5 kilo. Is het toch meer dan dient de werkgever haar werkzaamheden aanpassen.

•        Er moe voor zorg gedragen worden dat een zwangere vrouw niet kan worden blootgesteld aan enige vorm van straling. Binnen de grafimedia kennen we gelukkig nagenoeg geen stralingsgevaar, omdat de locaties waar straling is (lasers bijvoorbeeld) altijd zijn afgeschermd. Toch moet de RI&E over dit punt duidelijk uitsluitsel geven.

•        Werkt zij met gevaarlijke stoffen of moet er veel worden getild en gedragen, dan moeten de werkzaamheden worden aangepast: de zwangere werkneemster mag niet meer dan vijf kilo per keer tillen.

•        Voorkom blootstelling aan stoffen die de gezondheid van haar en het ongeboren kind in gevaar kunnen brengen. Voorbeelden van zulke stoffen zijn kankerverwekkende stoffen (benzeen of IPA). Een zwangere werkneemster moet ook niet met lood werken, omdat deze stof zeer schadelijk is.

•        Verricht geen werk met overdruk (caissonarbeid) of duikwerkzaamheden.

•        Een zwangere werkneemster is extra gevoelig voor infecties door bacteriën en schimmels. Het is daarom belangrijk dat de werkgever extra hygiënische maatregelen neemt.

•        Extreme kou of hitte zijn af te raden. De bloeddruk kan snel dalen en dat heeft gevolgen voor de baarmoeder.

•        Ook te hard geluid kan schadelijk zijn, dat mag niet meer zijn dan 80 decibel gedurende maximaal acht uur. Dus let daarbij extra op zwangere werkneemsters in de drukkerij en nabewerking.

•        Verricht geen werk met schokken of sterke lichaamstrillingen, dat vergroot het risico op een miskraam de versnelling mag niet meer dan 0,25 m/s² zijn).   .

•        Zij er klachten, dan heeft de zwangere werkneemster recht op aangepaste werktijden. Dit kan zij bespreken met haar werkgever.

•        Verder heeft de zwangere werkneemster recht op aangepaste werk- en rusttijden. Ook mag zij tijdelijk stoppen met overwerk of nachtdiensten.

•        Zwangerschapsonderzoeken, zoals een bezoek aan de verloskundige of een echo, mogen onder werktijd.

•        Verloopt de zwangerschap problematisch, dan heeft de werkneemster recht op tijdelijk ander werk of zelfs vrijstelling van het werk.

 

Gedurende de eerste maanden na de bevalling heeft de werknemer het recht het werk te onderbreken om in alle rust en afzondering haar kind borstvoeding te geven dan wel af te kolven. Deze onderbreking kan zo vaak en lang als nodig is plaatsvinden, maar niet langer dan ten hoogste een vierde van de arbeidstijd per dienst. Er dient voor de moeder op de werkplek een hygiënische en van binnen afsluitbare kamer te zijn, waarin zij in alle rust borstvoeding kan geven of moedermelk kan afkolven.