Vormvervaardiging Offset / Hoogdruk

Top  Previous  Next

 

 

Vormvervaardiging offset

 

Binnen de grafimedia is de offset-vormvervaardiging het meest voorkomende vormvervaardigingsproces. Tegenwoordig worden meestal aluminium platen als beelddrager gebruikt. Aluminium zorgt voor de hoogste drukkwaliteit omdat het een metaal is dat geen rek of krimp kent. Maar er worden ook wel kunststofplaten toegepast. Deze zijn vaak voor kleinere drukorders in het kleinere druksegment prima geschikt. Maar voor de grote orders zal gebruikt gemaakt moeten worden van aluminium offsetplaten.

 

Per kleur wordt een offsetplaat gemaakt. De conventionele productie van een offsetplaat geschiedt in wezen op dezelfde wijze als bij de filmvervaardiging. Eerst wordt de offsetplaat belicht waarna deze ontwikkeld wordt. Binnen de belichting kennen we twee typen belichtingsystemen: de (analoge) belichting via een UV-lamp en de (digitale) laserbelichting.

 

Via de UV-belichting worden de niet beelddragende delen middels de zwarte delen van een film afgeschermd tegen de UV-stralen, waardoor de fotopolymere laag die op de offsetplaat zit niet kan uitharden. Na het ontwikkelproces, waar plaatontwikkelaar en gom aan te pas komt, worden de niet uitgeharde delen in de plaatontwikkelmachine 'weggespoeld'. Nu beschikt de offsetplaat (voor één kleur !) wel en niet beelddragen delen (zie voor de meer informatie over het offsetdrukprocédé de procesbeschrijving  bij 'Drukken offset/hoogdruk').

 

Bij de digitale belichting wordt de inzet van een film achterwege gelaten. Via de prepress wordt het te drukken beeld direct middels een laser op de plaat 'gebrand'. Er bestaan verschillende typen laserbelichting, welke lopen van de IR-belichting tot en met UV-stralen. De keuze van deze Computer to Plate techniek (kortweg CtP) is afhankelijk van de wensen van het grafimediabedrijf. Elk systeem kent namelijk zijn voor- en nadelen. Meestal geldt dat hoe beter het systeem is, des te hoger de aanschafkosten zijn.

CtP kent veel voordelen. De belangrijkste is natuurlijk de efficiëntieverbetering binnen de vormvervaardiging, omdat er menselijke handelingen uit het productieproces zijn geschrapt. Een ander groot voordeel is de aanzienlijke kwaliteitsverbetering in de positionering van het te bedrukken beeld. Doordat de computer het belichtingswerk heeft overgenomen, is de toch onnauwkeurigere stap van film op plaatbelichting verdwenen, met als resultaat dat het beeld scherper gedrukt kan worden.

Wat binnen de CtP nog steeds moet plaatsvinden is het ontwikkelen van de offsetplaat in een plaatontwikkelmachine, waarbij ontwikkelaars en gommeringsvloeistoffen ingezet moeten worden die schadelijk kunnen zijn voor de werknemers die er aan blootgesteld worden.

 

Maar tegenwoordig kennen we ook chemieloze CtP, waarbij er alleen nog maar – na de laserbelichting – een relatief onschadelijke gommering hoeft plaats te vinden. En er bestaan nu zelfs systemen, waarbij de gommering niet meer hoeft te worden toegepast; dus letterlijk chemievrij. In het kader van de arbeidshygiënische strategie is dit natuurlijk een grote stap voorwaarts.

 

Binnen de RI&E Grafimedia zijn de volgende werkplekken en/of machines (op alfabetische volgorde) aan dit bedrijfsproces toegekend:

 

 

•        Barcodescanner (unit)

•        Belichtingsunit

•        CtP-straat

•        Kapunit

•        Montage-/controletafel (staande werkplek)

•        Plaat preloader

•        Plaatbelichter – Laser (CtP)

•        Plaatbelichter - UV (conventioneel)

•        Plaatontwikkelaar neutralisatie-apparaat

•        Plaatontwikkelmachine

•        Plaatvouwer en/of ponsmachine